Dankzij een digitale infrastructuur en een proactieve dienstverlening profiteren bewoners en beheerders van nauwkeurige afrekeningen, meer transparantie en tastbare energiebesparingen.
Het wooncomplex “Au fil de l'eau” bestaat uit negen moderne gebouwen met in totaal 132 luxeappartementen, gelegen aan de oever van de Maas. Het complex werd tussen 2009 en 2011 gebouwd door Thomas & Piron en wordt verwarmd en van warm water voorzien door zeven collectieve gasverwarmingsinstallaties. Het beheer wordt verzorgd door Trevi, dat zowel verantwoordelijk is voor de technische administratie als voor de verdeling van de kosten.

De collectieve verwarming vormde een uitdaging voor zowel de huurders als het beheer: de forfaitaire verbruiksbedragen leidden tot ongelijkheden en frustraties. De jaarlijkse handmatige meteropnames waren omslachtig, foutgevoelig en maakten het onmogelijk om snel te reageren op afwijkingen.
Met onze meetservice hebben we een moderne radio-infrastructuur geïnstalleerd waarmee de meters van ista hun gegevens continu kunnen doorsturen via een kastje met een simkaart. Het is niet meer nodig om de woningen binnen te gaan: de gegevens worden automatisch verzonden. Bij een storing (geblokkeerde meter, gedemonteerde verdeler, vermoeden van lekkage) wordt een interventie ter plaatse in gang gezet. Het management beschikt zo het hele jaar door over realtime monitoring.
De afrekeningen bevatten voortaan bijna geen forfaitaire bedragen meer. Bewoners profiteren van een eerlijke facturering op basis van hun werkelijke verbruik en worden bewust gemaakt van hun energieverbruik. Studies tonen aan dat de individualisering van de kosten tot 20 % energiebesparing kan opleveren. Het beheer wordt efficiënter en de klanttevredenheid neemt toe. De individualisering van de verwarmingskosten maakt integraal deel uit van de Europese richtlijn 2012/27/EU betreffende energie-efficiëntie in gebouwen.
Het succes van dit project is gebaseerd op verschillende elementen: een nauwe samenwerking met het management, een snelle implementatie van de infrastructuur, een continue gegevensoverdracht en een proactieve benadering van de dienstverlening. De combinatie van technologie en menselijke inzet heeft dit project tot een echte referentie gemaakt.